Dossiermoddergat.nl

gerardtonenblogt

2020, september

Oranje

Vrijdag 11 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Wyb en ik gaan een dagje uit. We gaan eerst naar Arles, voor mij het mooiste stadje bij ons in de buurt. Nou ja, buurt, een uurtje rijden van ons vandaan. Montpellier (1 uur en 10 minuten rijden) is de meest dynamische stad, een studentenstad, een mooie stad, een stad waar wij graag en veel komen. Nîmes (45 minuten rijden) is een keurige stad, een bourgeois stad, een stijve stad. Wij komen er alleen om naar het ziekenhuis te gaan. We zijn het afgelopen jaar daarom te veel in Nîmes geweest. Avignon (1 uur rijden) is een mengelmoes van de eerder genoemde steden. Arles is de stad met het meeste karakter, het meest Provence.

Het fijne van Arles is dat het jaarlijks een grote fototentoonstelling heeft, een van de grootste en belangrijkste van de wereld. Zoals zoveel ging ook deze tentoonstelling dit jaar niet door. Gelukkig plakte een aantal personen en organisaties hun foto’s op muren zodat de stad toch een beetje een tentoonstellingsruimte had. Nog een reden om ons dagje uit naar Arles te plannen.
De Covid-maatregelen die de Franse en Nederlandse regering treffen blijken effectief. Iedereen in Arles loopt met een mondkapje op. Het zal wennen voor ons zijn om in Nederland door steden te lopen waarop niemand een mondkapje draagt. Totaal onverantwoord, vinden ze hier. ‘Als ik naar de Albert Heijn ga doe ik wel een mondkapje op,’ zegt Wyb vandaag. Ik ben benieuwd.

Het is niet voor niets dat wij er op uit kunnen. Door het oranje kleuren van Buitenlandse Zaken van ons departement zijn alle Nederlandse toeristen verjaagd. Niet alleen in ons departement, ik vermoed in heel Frankrijk. Het is zo raar om over Franse wegen te rijden en nooit een Nederlandse auto tegen te komen. Ook in Les Trois Comtes hebben inmiddels alle Belgen en Nederlanders hun reservering geannuleerd. Gelukkig komen er nog wat Fransen want Fransen mogen nog volop reizen.

Vandaag is er protest uit Griekenland te horen op Buitenlandse Zaken dat alle Griekse eilanden oranje verklaarden. Vreemd, want in werkelijkheid zijn van de honderden eilanden er slechts een paar waar Covid actief is. Het doet me denken aan onze situatie. In Nîmes zijn besmettingen, op het platteland van de Gard is eigenlijk niets aan de hand. Door de besmettingen in Nîmes wordt de hele Gard oranje.

Buitenlandse Zaken kleurt met grove streken. Lekker makkelijk voor ambtenaren, nuance kost alleen maar tijd, en overzichtelijk voor de toerist. Maar zouden de ambtenaren op BZ zich realiseren dat op de honderden eilanden in Griekenland en bij ons in de Gard mensen wonen die leven van de toeristenindustrie? In één streek iets oranje kleuren betekent faillissement voor velen. Niet voor ons, hoor. Maar stel dat we Les Trois Comtes hadden gekocht, dat we met hoge vaste laten zaten waar je niet meer vanaf kunt. Arme mensen.

Naar Arles rijden we nog door naar het hondenstrand bij La Grande-Motte. Op het strand liggen her en der wat mensen met honden. Ook hier geen toerist meer te zien. De steden zijn leeg, de stranden zijn leeg, de portemonnee is leeg. Dies heeft de dag van zijn leven.

Het einde

Donderdag 10 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Wanneer sta je nou eens aan het einde van een rivier? Als je in Nederland woont heb je sowieso niet het idee dat er een einde komt aan een rivier, laat staan dat je aan het einde kunt staan. Het einde van een rivier ligt waar rivier zee wordt en wie kan die plek aanwijzen? En mocht de plek al bekend zijn dan kun je er vermoedelijk niet staan, het water zal te diep zijn. Komt de vraag bij of een rivier überhaupt een einde heeft. Het einde van een rivier heet zee, of oceaan. Goed beschouwd is de zee onderdeel van de rivier, de verzamelplaats van een heleboel rivieren.

Daarom vind ik het zo bijzonder dat ik in onze eigen kleine Cevennen dorpje zomaar bij het einde van een rivier kan staan. Op de foto eindigt Le Vidourle. Het water is gewoon op, einde rivier. Nu kan de lezer denken: dat is ook een rivier van niks, een krachteloos stroompje zal altijd wel ergens eindigen. Dat is ook zo. Maar Le Vidourle is verre van een krachteloos stroompje. Kom over twee maanden en het water kolkt en raast weer over het einde van de rivier heen. Soms is Le Vidourle zo krachtig dat hij auto’s meesleept en huizen onder laat lopen.

Mensen die in de nabijheid van zijn oevers wonen, mogen om veiligheidsredenen zelfs geen zwembaden in hun tuin hebben. Je zou kunnen zeggen dat Le Vidourle, in tegenstelling tot beren, een zomerslaap hebben. In de zomer komt de rivier langzaam tot rust om in de herfst weer wakker te worden en het volle leven te kiezen.

De rivier heeft ook een raadsel. Op de foto houdt Le Vidourle op. Maar vandaag heb ik gezien dat het eigenlijk niet het einde van zijn stroom is. Wyb en ik reden vandaag naar de Camargue om met Dies wat in de Middellandse Zee te zwemmen. Tot mijn verbazing reden wij over een brug, onder ons een brede rivier, op het bordje voor de brug stond dat het Le Vidourle was. Ergens tussen Saint-Hippolyte-du-Fort en de Camarque krijgt de rivier weer een enorme hoeveelheid water en mag hij weer een rivier worden genoemd.

Grot

Woensdag 9 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Street art Avignon

Les Trois Comtes is een groot huis, ook een hoog huis. Op de bovenste verdieping wonen wij in een grote ruimte, een soort loft. Als we voor het raam staan kijken we uit over het dorp en verderop hebben we zicht op de grillige heuvels van de Cevennen. In de zomer, en dan spreek ik van half mei tot eind september, hebben wij de ramen altijd open staan. Overdag waait er dan wat wind ons appartement in, ’s avonds koelt het gelukkig af en zorgen de open ramen voor verkoeling.

Vorig jaar hadden we er geen last van, dit jaar hebben we te maken met een nieuw, bizar verschijnsel. Vleermuizen. In de avond stikt het in onze tuin van de vleermuizen. Zwaluwen en vleermuizen voeren een wilde jacht uit op insecten. Onze F16’s zijn er lompe en trage machines bij. Als we op de veranda zitten, het mooiste deel van onze huis, dan razen de vleermuizen door de open gaten van de veranda. Het is een prachtig spel van snelheid en wendbaarheid.

Veel vleermuizen. Het probleem is nu dat die vleermuizen een nieuwe grot in hun territorium hebben ontdekt. Door de open ramen zien ze ons appartement als integraal onderdeel van hun biotoop. Vrijwel elke avond hebben wij een of twee vleermuizen in ons appartement vliegen. Het maximum tot nu toe was vier vleermuizen.

Muggen kun je doodslaan. Verdwaalde vogeltjes kun je vangen of verjagen. Wat doe je met een vleermuis in je huis? Je staat volkomen machteloos terwijl het ding om je hoofd raast. De eerste keer deinsden wij terug: een vleermuis in de kamer, hoe kan dat nou? Inmiddels zijn we er aan gewend. Al moet gezegd dat een vleermuis nooit helemaal went. Alle horror verhalen over vleermuizen hebben toch hun werk gedaan merk ik. Misschien is er een bij met hondsdolheid; er zijn vleermuizen die vlees eten; en het allerergste, was de vleermuis niet de uitvinder van Covid-19. Je weet het nooit met die afzichtelijke dingen.

Mocht de lezer van Dossiermoddergat ooit een vleermuis in huis hebben dan hebben wij ervaringsdeskundigen van Dossiermoddergat maar één advies: leg je erbij neer. Dat is niet makkelijk. Vooral niet als je wilt gaan slapen en er vliegen drie van die dingen als razenden boven je hoofd.
Wyb en ik weten inmiddels dat je je er heel druk over kunt maken, maar dat het geen enkel nut heeft. Wij zetten alle ramen open in de hoop dat ze verdwijnen, ook al zien wij dat ze veel plezier hebben in hun nieuwe grot. Wij kruipen diep onder de dekens en proberen niet aan ze te denken.

Vannacht werd Wyb er zelfs wakker van. En ik weer van Wyb. ‘Er zitten weer vleermuizen,’ zei ze. We doen het licht aan en ja hoor, twee exemplaren. Waarvan er een bij het vliegen tamelijk veel lawaai maakt. ‘Ga nou maar slapen,’ zeg ik. ‘Ze gaan wel weer weg.’

Journal

 

Epiloog

Dinsdag 8 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

De epiloog is begonnen. Veel eerder dan verwacht, maar het is niet anders. Coronatijd vergt van de kleine ondernemer nu eenmaal maximale flexibiliteit en incasseringsvermogen. Ben zo blij dat ik het grootste deel van mijn leven in loondienst ben geweest.

Vanaf vandaag is, vergeleken met de afgelopen tweeënhalve maand, alles anders. Sinds half juni waren we elke dag hard aan het werk. Het was een komen en gaan van mensen, in ons leven stonden de gasten in alle opzichten centraal. Zo blij dat we weer gasten hadden en daarmee inkomsten. Tot vandaag. We namen afscheid van vier gasten en vanaf nu ziet onze agenda er akelig leeg uit en dit in schril contrast met de oorspronkelijke agenda van september.

Omdat Buitenlandse Zaken het beter vond om de Gard oranje te kleuren regenden het annuleringen. Nederlandser mogen alleen naar ons toe voor hoogstnoodzakelijke reizen en als ze terugkomen moeten ze liefst tien dagen in quarantaine. Zou Stef Blok (VVD) zich ooit gerealiseerd hebben dat hij, gezien heel Frankrijk, duizenden mensen hiermee ongelooflijk dupeerden? Of was het gewoon een simpele ambtelijke handeling.

Rood in Frankrijk, betekent oranje in Nederland? Al wil dat rood niet zeggen dat het virus hier op vreselijk wijze huishoudt. In Nîmes tiert het welig. Hier in Hippolyte en wijde omgeving is niets aan de hand. Maar dat zal Stef en zijn ambtenaren worst wezen. De Gard is de Gard, basta.

Eergisteren hadden we voor de laatste keer een tables d’hôtes. Zoals altijd was het weer erg gezellig. Zet acht of tien mensen die elkaar niet kennen bij elkaar om samen uitgebreid te eten en het wordt zeer geanimeerd is onze ervaring. We zullen het missen. Al denkt Wyb erover om in Nederland eens in de zoveel tijd (niet te vaak, aub) een huiskamerrestaurant te beginnen. Hopelijk zit er dan steeds net zo’n gemêleerd gezelschap bij elkaar als in Frankrijk.

Omdat we nu alle tijd hebben, er zijn slechts nog incidenteel gasten, al hebben we het aankomend weekend nog enigszins druk, hebben we de eerste werkzaamheden verricht voor de verhuizing. De voorschuur hebben we al vrijgemaakt zodat we in de loop van de tijd dozen naar beneden kunnen sjouwen.

Tot 5 oktober hebben we nog gasten. 9 oktober verhuizen we onze spullen naar Groningen en vanaf 16 oktober tot 1 november zijn we hier om het huis spic en span achter te laten en tergend langzaam afscheid te nemen van Saint-Hippolyte-du-Fort. Ik vrees dat het einde van de epiloog eindigt in tranen.

Het raam

Maandag 7 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Een raam in Frankrijk is totaal iets anders dan een raam in Nederland. In Nederland is een raam een groot stuk glas, liefst zo groot mogelijk. In feite is het een soort etalage. In het vaak donkere en sombere Nederland zorgt het raam voor licht. We hebben zelfs doorzonwoningen, raam voor, raam achter, de zon en het licht kunnen hun werk doen.

Ongegeneerd laten we het raam ook inderdaad etalage zijn. Op de vensterbank stallen we allerlei prullaria uit die we mooi vinden. Twee vazen naast elkaar (hoezo kuddedier?) mogen niet ontbreken. De symmetrie van die twee vazen vindt vrijwel elke Nederlander prachtig.

Zonder enige schaamte laten we het raam ook ’s avonds zijn functie uitoefenen. Zonder terughoudendheid laten we anderen naar binnen kijken. Nooit is het raam meer etalage. We zijn een transparant land: kijk, zo ziet onze huiskamer eruit en zo leven wij erin. Ooit werden er zelfs rondleidingen georganiseerd om de Nederlander ’s avonds in zijn huiskamer bezig te kunnen zien.

In Frankrijk zijn de ramen liefst zo klein mogelijk. Nog liever hebben ze helemaal geen raam. Daarom is het luik uitgevonden. Als het even kan, zeker ’s avonds, gaan de luiken voor de ramen. Bij ons in het dorp lijkt ’s avonds niemand te wonen. De luiken zijn dicht, ze laten geen enkel licht door. Ook overdag zijn ze vaak dicht. Je moet je huis nu eenmaal beschermen tegen de zon. Een woning mag geen bakoven worden. 
Bij Fransen naar binnen kijken? Uitgesloten.

Waarom zou je ook bij Fransen naar binnen kijken? Hun interieur, het interesseert ze geen barst. Er is niets aan te zien. Ooit ging Frankrijk door voor een land met een groot gevoel voor design. Die tijd is definitief voorbij.

Zo nu en dan wordt een raam nog gebruikt om in te hangen en naar buiten te kijken. Lekker hangen in een raam, dat kom je in Nederland niet tegen. Uit het raam hangen vinden wij ordinair. De mensen zouden eens de indruk krijgen dat je in ze geïnteresseerd bent, of dat je niets te doen hebt en niet vreselijk druk, druk, druk bent. In de Jordaan hingen ze uit het raam, nette mensen mensen hangen niet uit een raam.

Impasse

Zondag 6 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Het is eigenlijk een beeld van niks. Een straatnaambordje, een bosje bloemen vastgemaakt aan een ketting, een donker gat. Het donkere gat is een impasse, een doodlopende steeg. Maar impasse betekent ook dieptepunt, moeilijk parket, moeilijkheid waaruit men zich niet weet te redden.

De impasse is genoemd naar een verzetsstrijder, Raymond Bessede. Zo te zien is hij in 1944 gestorven. Met dit straatnaambordje wordt hij geëeerd. Of het echt eren is weet ik niet. Ik loop elke dag een paar keer langs de impasse. De impasse is twintig meter van mijn huis. De impasse leidt nergens toe, maar dat is karakteristiek voor een impasse. Deze impasse is ook nog eens een vervallen impasse, een verwaarloosde. Alleen de zwerfkatten genieten ervan.

Toen we er kwamen wonen was het helemaal een puinhoop. De impasse lag volgestort met vuil. Heel kort was er een poging om een buurtcafé achter in de impasse te openen. Er bleek daar een soort kamer te zijn. Ik weet niet of er ooit iemand is geweest maar degenen die het probeerden hebben wel het vuil in de impasse opgeruimd. De vale vlaggetjes op het eind van de impasse getuigen nog van hun poging.

Boven en naast de impasse verwaarloosde huizen. Je ziet het op de foto aan de verroeste tralies. Katten springen in en uit, het is een door katten zelf gecreëerde daklozen opvang.

Welke heldendaden de martelaar en verzetsstrijder heeft verricht weet ik niet, het zijn misschien wel heldendaden geweest. Wat hij ook heeft gedaan, je gunt hem toch meer eer dan deze impasse. Neemt niet weg dat er af en toe aan hem wordt gedacht. Het is al voor de tweede keer dat er bosje bloemen in de ketting hangt.

Wachten op de Tour

Zaterdag 5 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Witte vlag 2

Vrijdag 4 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Wyb vindt dat het blog van gisteren een te somber beeld geeft van onze situatie. Ook Tjaart, die deze week bij ons te gast is, vindt het een heftig blog. Ik denk dat ze gelijk hebben. Ik bracht gisteren het kale nieuws en de kale oorzaken. We stoppen, het is een kale mededeling.

Dit alles zegt niets over hoe we erin staan, wat we er zelf van vinden en hoe we de laatste weken hier doorbrengen. Want daar is niets mis mee. We hebben nog steeds leuke gasten, niet iedereen heeft geannuleerd, en we genieten van Frankrijk. We leven nog steeds heerlijk buiten in de zon. De temperatuur is wat mij betreft momenteel nog lekkerder dan in de zomer. Het is nu tussen de 25 en 30 graden en in die temperatuur vind ik het leven het lekkerst.

Laat ik eerlijk zijn, de annuleringen zorgen ervoor dat de druk van de ketel gaat. Zo nu en dan levert dat weer een blogje op. Het oppakken van een blog, een uitstapje de Cevennen in. Het leven is er relaxter op geworden, dat merken we nu al, en dat vind ik helemaal niet erg. Tot nu toe hebben we keihard gewerkt en dat is slecht voor de concentratie op zaken die ik persoonlijk het liefste doe: lezen, schrijven, fotograferen.

Belangrijke vraag: betekent het hijsen van de witte vlag ook dat we teleurgesteld zijn, dat we spijt hebben van dit avontuur? Het antwoord is simpel: volstrekt niet. Wyb en ik hebben er ontzettend van genoten, de gasten, de vrijheid, het goede Franse leven, eens een keer heel ander werk, andere lucht.

Wyb vind het erger om te stoppen dan ik, ze had het zeker nog wel een jaartje willen doen. Wyb is voor dit avontuur gemaakt, geniet met volle teugen, doet alles met evenveel plezier. Ik ben er minder voor gemaakt, ik heb er veel plezier aan beleefd, vond het heerlijk om na 40 jaar bezig te zijn geweest met theater iets totaal anders te doen. Maar het houdt me ook af van dingen waar ik mijn tijd aan wil besteden. Ik heb weer behoefte aan concentratie.

Ik weet zeker dat we ontzettend het landschap gaan missen. De leegte en uitgestrektheid van de Cevennen, de dorpjes, de rivieren die door de valleien stromen. We gaan het uit eten missen, de vele goede en leuke restaurants hier in de buurt. Ik ga de bakker missen en de fotozaak op de hoek waar de afdrukken zo opmerkelijk goed zijn. En vooral de veranda ga ik missen, dat imposante en sfeervolle bouwsel waarvan ik nooit een tweede exemplaar heb gezien.

Het eerste wat we gaan doen is een boek schrijven over dit avontuur. De titel werd ons aangereikt door een Duitse gast die we wat verhalen vertelden. Eigentlich ist es ein Paradies mit Sorgen, zei hij opeens. Mooi titel dacht ik: Een paradijs met zorgen. Volgend jaar in de betere boekhandel, hoop ik. Wordt in ieder geval vervolgd.

Witte vlag

Donderdag 3 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Wyb vindt dat het blog van gisteren een te somber beeld geeft van onze situatie. Ook Tjaart, die deze week bij ons te gast is, vindt het een heftig blog. Ik denk dat ze gelijk hebben. Ik bracht gisteren het kale nieuws en de kale oorzaken. We stoppen, het is een kale mededeling.

Dit alles zegt niets over hoe we erin staan, wat we er zelf van vinden en hoe we de laatste weken hier doorbrengen. Want daar is niets mis mee. We hebben nog steeds leuke gasten, niet iedereen heeft geannuleerd, en we genieten van Frankrijk. We leven nog steeds heerlijk buiten in de zon. De temperatuur is wat mij betreft momenteel nog lekkerder dan in de zomer. Het is nu tussen de 25 en 30 graden en in die temperatuur vind ik het leven het lekkerst.

Laat ik eerlijk zijn, de annuleringen zorgen ervoor dat de druk van de ketel gaat. Zo nu en dan levert dat weer een blogje op. Het oppakken van een blog, een uitstapje de Cevennen in. Het leven is er relaxter op geworden, dat merken we nu al, en dat vind ik helemaal niet erg. Tot nu toe hebben we keihard gewerkt en dat is slecht voor de concentratie op zaken die ik persoonlijk het liefste doe: lezen, schrijven, fotograferen.

Belangrijke vraag: betekent het hijsen van de witte vlag ook dat we teleurgesteld zijn, dat we spijt hebben van dit avontuur? Het antwoord is simpel: volstrekt niet. Wyb en ik hebben er ontzettend van genoten, de gasten, de vrijheid, het goede Franse leven, eens een keer heel ander werk, andere lucht.

Wyb vind het erger om te stoppen dan ik, ze had het zeker nog wel een jaartje willen doen. Wyb is voor dit avontuur gemaakt, geniet met volle teugen, doet alles met evenveel plezier. Ik ben er minder voor gemaakt, ik heb er veel plezier aan beleefd, vond het heerlijk om na 40 jaar bezig te zijn geweest met theater iets totaal anders te doen. Maar het houdt me ook af van dingen waar ik mijn tijd aan wil besteden. Ik heb weer behoefte aan concentratie.

Ik weet zeker dat we ontzettend het landschap gaan missen. De leegte en uitgestrektheid van de Cevennen, de dorpjes, de rivieren die door de valleien stromen. We gaan het uit eten missen, de vele goede en leuke restaurants hier in de buurt. Ik ga de bakker missen en de fotozaak op de hoek waar de afdrukken zo opmerkelijk goed zijn. En vooral de veranda ga ik missen, dat imposante en sfeervolle bouwsel waarvan ik nooit een tweede exemplaar heb gezien.

Het eerste wat we gaan doen is een boek schrijven over dit avontuur. De titel werd ons aangereikt door een Duitse gast die we wat verhalen vertelden. Eigentlich ist es ein Paradies mit Sorgen, zei hij opeens. Mooi titel dacht ik: Een paradijs met zorgen. Volgend jaar in de betere boekhandel, hoop ik. Wordt in ieder geval vervolgd.

 

Oké. We zwaaien met de witte vlag. Wij geven ons over. Covid-19 heeft ons er onder gekregen. We hebben verloren, we moeten het toegeven. Covid-19 en de gezondheid. In die volgorde. Maar de volgorde maakt niet uit, de overgave is definitief.

Het was een tijdje stil op Dossiermoddergat. Niet omdat er iets ernstigs aan de hand was. Integendeel. Wyb en ik hadden het eindelijk weer eens druk. Voor de Franse lockdown waren wij een tamelijk gelukkige beheerdersechtpaar van een Chambres d’hôtes. Buiten wat gezondheidsperikelen zag de toekomst er redelijk rooskleurig uit. Onze reserveringsportefeuille voor het komende seizoen zag er prima uit. Tot die lockdown dus. Vrijwel alle reserveringen werden geannuleerd. Portefeuille leeg, portemonnee leeg want de aanbetalingen moesten we terugbetalen en daarmee verdampte onze liquiditeit.

Drie maanden zaten wij zonder inkomsten, een reddingsboeitje van Macron uitgezonderd waardoor we de lippen soms even bovenwater konden houden voor een snelle ademhaling. Verder zaten wij opgesloten en hadden niet eens de mogelijkheid om geld uit te geven, dus dat was weer een voordeel.

Begin juni mochten de Fransen weer 100 kilometer van hun huis rijden en dat hielp. Mensen uit Montpellier, Nîmes en Marseille hadden na drie maanden binnen zitten wel zin in ruimte en natuur. We verdienden voor het eerst weer wat geld. 
Op 15 juni ging de lockdown er helemaal af, ook in Nederland, en dat veroorzaakte tot onze vreugde een explosie aan reserveringen Binnen twee weken zaten wij tot half september helemaal vol. Een fantastisch gegeven, niet dat we daarmee de winter doorkwamen, maar het gevaar van een volstrekt lege portemonnee, dat zo nu en dan wel dreigend boven ons hing, werd afgewend.

Nu de Buitenlandse Zaken van België en Nederland de Gard, ons departement, heeft aangemerkt als oranje gebied, regent het opnieuw annuleringen. Wie naar ons toekomt zou 10 dagen in quarantine moeten, alleen noodzakelijke reizen zijn toegestaan.
Voor de duidelijkheid, in de Gard is eigenlijk niets aan de hand. Alleen in Nîmes, waar mensen opgepakt in flats zitten, is de situatie tamelijk ernstig. Jammer genoeg ligt Nîmes in de Gard. Wat doe je dan als Franse overheid, de Gard code rood geven. Code rood is echter een bestuurlijk aanmerking, het wil zeggen dat de prefectuur meer zeggenschap krijgt. Voor de rest verandert er niets in de Gard. Het leven gaat hier gewoon door met een steeds grotere rol voor het mondkapje, Fransen van andere departementen komen hier volop op vakantie.
Voor de Nederlandse overheid was die code rood blijkbaar doorslaggevend en zorgde ervoor dat wij voor Nederlanders op slot gingen.

Hierdoor ontstaat voor ons situatie hopeloos en haalden we de witte vlag te voorschijn, klaar voor de aftocht. Vanaf 1 november verdwijnt boven deze blogs de fraaie plaatsaanduiding Saint-Hippolyte-du-Fort en wordt het vervangen door Groningen.

Ondanks dat Covid-19 ons fysiek gelukkig nog niet heeft getroffen, zijn we uiteindelijk toch geveld door het virus. Financieel doet het ons de das om. Op naar nieuwe avonturen! Wordt vervolgd.

P.S. Voor wie toch nog langs wil komen: er is nog ruimte tot 4 oktober.

Verdwaald

Woensdag 2 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

Verdwaald

Waarom staan die bergen hier en spreken
de mensen woorden die ik niet begrijp?
Waarom stromen de rivier niet
zoals rivieren behoren te stromen?
Zo staan ze droog,
zo zijn het kolkende monsters.
En altijd schijnt de zon. Waarom?
Waar zijn de donkere luchten en de regen?
Ook de wind is onvindbaar,
evenals de meren en de dijken.

De wereld is verdwaald
en ik kan haar niet helpen
want ook ik weet hier niet de weg.

Down and out in Avignon

Dinsdag 1 september, Saint-Hippolyte-du-Fort

alle rechten voorbehouden © gerard tonen 2020